Welkom | Werkwijze | Gedichten (Aleid) | Gedichten (Carolien) | Gedichten (Christiena) | Gedichten (Elveerah) | Gedichten (JMT Adema) | Gedichten (Lilian) | Gedichten (Margriet) | Gedichten (Peter) | Gedichten (Willy) | Gastdichters | Gedicht van de maand | Activiteiten Dichterscollectief | In de pers | Activiteiten in het land en regio | info en contact | Links | Nieuwsbrief | Foto's | Gastenboek

Gejaagd door de Wind

 

Een weeralarm moet je niet in de wind slaan.

Doe je dat wel, de storm mept loeihard terug.

'k Waag me vandaag maar helemaal niet buiten,

Want ik kom nooit over de brug.

 

Tweehonderd jaar industrialisatie

En die vooruitgang eist steeds meer haar tol,

Wij werden, dachten we, op vleugelen gedragen,

Maar alles is van slag en het klimaat draait dol.

 

Vijver van het heelal

 

We worden als stenen geworpen

in de vijver van het heelal.

Wouden we dat werkelijk weten,

we zouden als uitdijende cirkels

alles helen, volledig in harmonie

met middelpunt en omtrek.

 

 

Aeolus harp

 

De zee is een geheim

van aquamarijn en turquoise.

Aan de horizon

verglinstert een oase

zilver en kornalijn.

Door mijn haar

speelt de wind

als een harp

een melodie in weemoed en extase.

 

 

 

Ik dacht vannacht het voorjaar moest

nu eindlijk toch eens komen,

maar buiten woei de wilde wind

en de regen viel in stromen.

e hebben ook het donker

met n uur  ingekort

zestig minuten minder

om over de lente te dromen.

Of het ooit nog wat wordt?

Ik ben verkouden, hoest en proest

en koop een paraplu.

 

 

 

Woorden zijn uniek.

Als kind al liet ik ze

met ingehouden adem

dwalen door mijn mond,

reeg ze aan klank-rijm-ritme-draden

- smaragden, karmozijn, schalmei

ik laat ze spelevaren

schalm ik, schalm jij, schal mij,

woorden zijn muziek.

 

 

Geloofsbelijdenis

 

Je bent al een verhaal

aan t worden

van jou en mij

dat ik vertellen zal

wanneer de witte winter

openbloeit

met kristallijnen sterren

kaarsenkransen

en in de haard een vuur

de starre wanden

van de kamer

zal verwijden

op een perspectief

van zilveren berken

waarbinnen jouw nederige

gestalte glijdt

over de verten

tot oneindigheid...

 

Metalen luchten

 en n baan zonlicht

s morgens heel vroeg

over het Naardermeer.

Bijna raas ik

onachtzaam

voorbij

aan het bovenaards schone

van een scheppingsdag.

 

 

Trekvogels

 

Als ze in vogelvlucht verlangen schrijven

Over verschraalde en vervaalde landen,

Houd ik hun heimwee in geheven handen

En laat mij op hun zoekend zwenken drijven.

 

Nu moet ik weten: verder gaan of blijven,

Een dadenleven of verzoend verzanden?

De bomen vlammen vuurrood op, ze branden.

Als ik niet kies, zal ik verdoofd verstijven.

 

De diepste tinten zie ik al verbleken.

Twijgengeraamte komt uit takken breken.

Nog huivert in de lucht de laatste tover.

 

IJlende vingers tokkelen het teken.

De dood is op de einder neergestreken.

Maar laat nog eindeloze ruimte over.

 

 

 Het ven

 

Huiverend ziet

en scherven water.

Een vogel schreit.

Bewogen vastgelegd

voor later

Ik ben begrensd

in een oneindigheid.

 

(Bij het afscheid van een vriend)

 

 

Volledigheid

 

 Schenk me de hartstocht en het kille.

Geef me luidruchtigheid en het stille.

Schenk me de rijpheid en het prille.

Geef me de tijd en het prille.

Geef me de tijd om der eeuwigheids wille.

 

 

Impressie

 

Meeuwen

sneeuwen

hun vlucht

tegen

een

regengrijze

lucht

 

Voorbij
 
Niets kan er meer van mijn geluk getuigen,
vervlogen is die kinderdroom van glas
hoe toverfraai dit sprookjeswonder ook was,
een handomdraai, die wereld viel in duigen.
 
Kaleidoskoop, een vuurwerkfeest,
vreugde en glitter, vonken vertier,
spranken plezier, kleurengeschitter.
Dat is geweest!
Is er verleden tijd te koop...
 
                                  

 

Aleid C. Swierenga

(Dichterscollectief Katwijk)

 

 

 

 

volgende>>

Laatste wijziging op: 26-01-2007 15:11